Op 18 december 2025 deed de Rechtbank Oost-Brabant uitspraak in een complexe letselschadezaak (ECLI:NL:RBOBR:2025:8879) naar aanleiding van een ernstig arbeidsongeval. Een schilder viel tijdens werkzaamheden in een pand in aanbouw door een niet-gemarkeerd trapgat en liep daarbij een incomplete dwarslaesie op. De kernvragen betroffen de aansprakelijkheid van de pandeigenaar, de bouwbegeleider en de opdrachtgever, evenals de onderlinge draagplicht in diverse (onder)vrijwaringsprocedures.
Toedracht van het ongeval
De schilder wilde het plafond in een hal spuiten. Omdat de vloer vol lag met materialen van andere bouwvakkers, begon hij deze vrij te maken om met een schaarhoogwerker de hoek te kunnen bereiken. Hij zag daarbij een houten afdekplaat aan voor een pallet en tilde deze op om hem tegen de muur te plaatsen. Daaronder bevond zich echter een trapgat naar de kelder. De plaat was niet verankerd, gemarkeerd of afgezet met een railing of lint. De schilder viel ruim drie meter diep op een betonnen vloer.
Foto’s van de afdekplaat:


Wie is aansprakelijk?
De kantonrechter oordeelt dat drie partijen hoofdelijk aansprakelijk zijn jegens het slachtoffer:
- De bouwbegeleider: Op basis van de Kelderluik-criteria wordt geoordeeld dat hij onrechtmatig heeft gehandeld (art. 6:162 BW). Hij liet de afdekplaat maken, maar zorgde niet voor borging of markering. Gezien de grote kans op ernstig letsel bij het verwijderen van de plaat en de geringe bezwaarlijkheid van eenvoudige veiligheidsmaatregelen (zoals hoekijzers, die de dag na het ongeval alsnog werden aangebracht), heeft hij de schilder aan een onverantwoord groot risico blootgesteld.
- De pandeigenaar: Hoewel zij geen bouwexpertise heeft, voerde zij de bouw in ‘eigen beheer’ uit. De rechter stelt vast dat er geen getekend VGM-plan was en dat niemand feitelijk de verantwoordelijkheid voor de algemene veiligheid en coördinatie op zich had genomen. De eigenaar kon zich niet onttrekken aan haar zorgplicht door de veiligheid niet deugdelijk uit te besteden aan een partij die deze verantwoordelijkheid expliciet aanvaardde.
- De opdrachtgever van de schilder: Zij wordt aansprakelijk gehouden op grond van art. 7:658 lid 4 BW. De schilder bevond zich in een met een werknemer vergelijkbare positie: hij droeg bedrijfskleding van de opdrachtgever en de opdrachtgever had substantiële invloed op de werkomstandigheden. De opdrachtgever wist dat de werkvloer vol lag met obstakels maar verzuimde actie te ondernemen om een veilige werkplek te garanderen.
De verweren over eigen schuld van de schilder worden door de kantonrechter verworpen. Het was voorzienbaar dat een ervaren professional de vloer zou willen opruimen om optimaal te kunnen werken en de plaat niet als veiligheidsvoorziening zou herkennen.
Vrijwaringsprocedures en draagplicht
Achter dit vonnis zitten een aantal complexe vrijwaringsprocedures. Hierdoor is de uitspraak op onderdelen lastig te lezen. Kort gezegd, wordt de onderlinge draagplichtig als volgt vastgesteld:
-
De vorderingen van de bouwbegeleider om gevrijwaard te worden door de opdrachtgever of de eigenaar worden afgewezen; hij is primair verantwoordelijk voor de gebrekkige plaat.
-
De opdrachtgever slaagt in haar vrijwaringsvordering tegen de eigenaar en de bouwbegeleider. Op basis van de algemene voorwaarden van de opdrachtgever moet de eigenaar haar vrijwaren. De bouwbegeleider is draagplichtig, omdat hij de onveilige situatie direct creëerde.
- In een onder-vrijwaring wordt de door de eigenaar ingeschakelde projectmanager veroordeeld om 60% van de schadevergoeding die de eigenaar aan de opdrachtgever verschuldigd is te dragen, vanwege tekortschieten in de contractuele verplichting om het bouwproces veilig te structureren.

Verkeersongeval
Onze letselschade experts mr. Stijn Kerkhof en mr. Guus van der Steen brengen jouw recht op schadevergoeding in kaart.
Oordeel kantonrechter
De kantonrechter verklaart de pandeigenaar, bouwbegeleider en de opdrachtgever hoofdelijk aansprakelijk en veroordeelt hen tot vergoeding van de schade, nader op te maken bij staat. De aansprakelijkheidsverzekeraars (AIG, NN, ASR) zijn op grond van een directe actie (art. 7:954 BW) hoofdelijk verplicht tot uitkering aan de schilder (het slachtoffer).
ZZP-er en een bedrijfsongeval gehad?
Jouw opdrachtgever kan aansprakelijk zijnMeer weten over jouw recht op schadevergoeding?
Bel 0492 - 745172 voor een gratis oriënterend gesprek.hiring approach
Rechtshulp nodig?
Ben je als ZZP-er of werknemer betrokken geraakt bij een ernstig arbeidsongeval en wil je weten wie aansprakelijk is? Of wijst de verzekeraar naar andere partijen?
Boeij Letselschade Advocatuur beoordeelt jouw zaak en staat je bij in onderhandelingen of procedures. Neem gerust contact met ons op voor een vrijblijvende en kosteloze eerste beoordeling van jouw zaak.


